Blog: De Hooiwagen

Kees van den Oord, historicus en kenner van de lokale geschiedenis van ’s-Hertogenbosch en omstreken is ook in de geschiedenis Jheronimus Bosch gedoken. Om iedere cultuurliefhebber kennis bij te brengen over deze middeleeuwse schilder, zijn werken en de tijd waarin hij leefde, schrijft van den Oord wekelijks een blog hierover. Aldus Kees: “Het zou mooi zijn als iedere cultuurliefhebber in 2016 Jheronimus Bosch kent. In het Brabantse ‘s-Hertogenbosch leefde, werkte en woonde ruim 500 jaar geleden de schilder Jheronimus Antonisz van Aken alias Bosch. Hij werd hier op 9 augustus 1516 begraven. Aanleiding om Bosch een jaar lang uitgebreid te herdenken.”

De Hooiwagen

Drieluik De Hooiwagen

Jheronimus Bosch is scherpzinnig en kritisch. Hij neemt zijn eigen omgeving op de korrel en laat weinig over van de goede medechristenen. Neem het drieluik van De Hooiwagen, een van de laatste panelen, tussen 1515 en 1516 geschilderd.

Bosch veroordeelt het graaien. Een wagen vol hooi staat voor het streven naar materialisme. Duivels trekken de wagen. Hij spaart niemand. Rijk en arm, alle standen lopen er achteraan en worden de hel ingetrokken. Een stoet van de paus, de keizer en de koning, dronken monniken, tandentrekkers en zigeuners laat zich verleiden. De lijdende Christus kijkt in de wolk toe, maar niemand behalve de Engel heeft oog voor hem.

Hebzucht, dwaasheid en de vergankelijkheid lijken te overwinnen, is de boodschap van Jheronimus Bosch. Niemand wil de weg van Christus volgen. Wanneer dit drieluik wordt gesloten, dan zie je op de buitenkant een marskramer die met zijn mars (korf) vol zonden op de rug door een heuvels landschap trekt. Is dit Bosch zelf, die ons aankijkt? Deze marskramer van De Hooiwagen lijkt op een ander paneel van het Museum Boijmans Van Beuningen. Dit schilderij werd in 1931 aangekocht en was het begin van de eigen originele Boschcollectie.
De Hooiwagen is nu een van publiektrekkers op de expositie Van Bosch tot Bruegel, de ontdekking van het dagelijks leven in het Museum Boijmans Van Beuningen te Rotterdam. De Spaanse koning Filips II kocht het paneel in 1570 voor zijn privécollectie. Filips was een groot liefhebber van Bosch. Na bijna 450 jaar keert het drieluik voor een half jaar terug, eerst naar Rotterdam en daarna naar ’s-Hertogenbosch. Wie wil dit paneel niet van dichtbij zien? De graaiers?

Kees van den Oord

Historicus Kees van den Oord

meer